De rol van de leerkracht tijdens de weektaak

In iedere groep wordt met uitgestelde aandacht gewerkt. Er wordt in alle groepen gewerkt met een lamp, die door de manager van de week aan- en uitgezet wordt tijdens de weektaaktijd. Deze lamp brandt gedurende de gehele weektaaktijd, ook als de leerkracht door de klas heen ‘lust’. Staat de lamp aan dan is dat het teken dat de leerkracht niet gestoord kan worden. De leerkracht neemt dan de tijd om extra instructie te geven aan een leerling of groepjes leerlingen. Instructie groepen worden gevormd aan de hand van de opgestelde groepsplannen. Deze plannen worden gemaakt naar aanleiding van de toets resultaten en worden regelmatig geëvalueerd. Er wordt dan bekeken of de kinderen nog extra instructie nodig hebben of dat zij het ook met de basisinstructie afkunnen. Het kan natuurlijk ook dat leerlingen juist instructie nodig hebben bij de verrijkingstaken die zij krijgen. Het begeleiden van deze leerlingen gebeurt aan de instructietafel. Aan de instructietafel krijgt een kind of een groepje kinderen toegesneden instructie van de leerkracht. Wanneer de leerlingen na de extra instructie zelfstandig verder kunnen ‘lust’ de leerkracht door de groep en de aula en beantwoordt de vragen die kinderen hebben. De leerkracht ziet of leerlingen vragen hebben door het kaartje met de naam en het vraagteken. Dit kaartje is door de leerlingen met vragen in het daarvoor bedoelde vak op het bord gehangen. Het is niet de bedoeling dat de kinderen tijdens het lussen van de leerkracht, de leerkracht aanspreken of vragen stellen. Wanneer alle kinderen weer verder kunnen, kan de leerkracht eventueel weer met een ander groepje leerlingen aan de slag.

Vertrouwen

Vertrouwen hebben is belangrijk in het Daltononderwijs. Het zelf na laten kijken van hun eigen werk door de leerlingen (behalve toetsen, dictees e.d. ) hoort bij dit vertrouwen geven. Daarnaast mogen leerlingen ook op de gang of in de aula werken tijdens het samenwerken ´s morgens) of het stilwerken(´s middags).

Het samenwerken wordt op allerlei wijzen gestimuleerd. Niet alleen in verband met de sociale vaardigheden, maar ook omdat uit onderzoek blijkt dat kinderen erg veel met en van elkaar leren. Tijdens het werken aan de dalton(week)taak mogen de kinderen met elkaar overleggen en samenwerken. Bovendien bevinden zich regelmatig “verplichte” samenwerkingsopdrachten in de dalton(week)taak die door “maatjes” gedaan worden. Kinderen die anders wellicht niet met elkaar zouden samenwerken worden op deze wijze met elkaar in contact gebracht. De leerlingen vanaf groep 5 zullen ook tijdens de wereldoriënterende vakken (aardrijkskunde, geschiedenis en biologie) geregeld op een andere manier de stof eigen maken. Hiervoor is Topondernemers aangeschaft. Een belangrijk onderdeel hierbij is het leren reflecteren.

Ook “door de school heen” wordt ten minste eenmaal per week samengewerkt. De oudere kinderen lezen bijvoorbeeld regelmatig kleuters voor uit prentenboeken of lezen samen met leerlingen uit andere groepen (tutorlezen) of werken bijvoorbeeld samen tijdens een project. Dit tutorleren willen we nog verder uit gaan bouwen.

Verschil tussen leerlingen

Vooral tijdens deze dagelijkse daltonmomenten kan rekening gehouden worden met verschillen tussen kinderen: het ene kind krijgt wat minder leerstof aangeboden, het andere kind juist meer! Heel belangrijk is het dat hierdoor alle kinderen de gelegenheid krijgen om hun werk binnen de gestelde termijn, meestal dus een week, af te hebben.

Ontwerp | HFCM onderwijs Realisatie | web2work